cijfers

Harvard-onderzoeker: stijging genderdysforie lijkt sociale besmetting

Harvard-promovendus Adam Omary onderzocht 11.000 kinderen en stelde vast dat genderdysforie bij meisjes toenam van onder 1% naar bijna 10% in zeven jaar tijd. Zijn onderzoek werd gecensureerd — door links én rechts.

Harvard-onderzoeker: stijging genderdysforie lijkt sociale besmetting

Adam Omary is in december 2025 afgestudeerd aan Harvard University als doctor in de psychologie. Zijn dissertatie — "A Biopsychosocial Model of Adolescent Gender Dysphoria" — trok internationale aandacht omdat hij als een van de eersten een grootschalige longitudinale studie uitvoerde naar de stijging van genderdysforie bij Amerikaanse kinderen.

Het onderzoek

Omary volgde meer dan 11.000 Amerikaanse kinderen van 8 tot 15 jaar via de Adolescent Brain Cognitive Development (ABCD) Study — een demografisch diverse, landelijk representatieve steekproef. Zijn bevindingen:

  • Het percentage meisjes dat zich identificeerde als transgender of non-binair steeg van onder 1% (2016) naar bijna 10% (2023)
  • De meeste jongeren die zich aanvankelijk als transgender identificeerden, deden dat binnen een jaar niet meer
  • Het patroon leek meer op brede adolescente identiteitsonrust dan op een aangeboren hersenen-lichaam-mismatch
  • Kinderen met depressie of angst hadden een grotere kans om zich later als transgender te identificeren
  • Meer schermtijd correleerde met hogere kans op transgender-identificatie

Aangevallen van twee kanten

Omary beschreef in een opiniestuk in de Boston Globe (maart 2026) hoe zijn onderzoek onder vuur lag — van tegengestelde kanten tegelijk.

Van progressieve zijde: de meeste medestudenten in Harvard's psychologie-departement wilden niet met hem geassocieerd worden. Er werden formele klachten ingediend bij de universiteit — niet vanwege een concrete schadelijke handeling, maar omdat het onderzoek zelf als "vijandigheid" werd beschouwd.

Van conservatieve zijde: de Trump-administratie bevroor meer dan twee miljard dollar aan federale subsidies voor Harvard. Omary's NIH-fellowship — waarmee hij zijn genderdysforie-onderzoek financierde — werd meegesleurd in de bevriezing. Paradoxaal genoeg: juist de politieke beweging die zijn bevindingen over sociale besmetting gretig aanhaalde, ondermijnde nu de wetenschap die die hypothesen testte.

Zijn conclusie

Omary stelt dat beide kanten gedeeltelijk gelijk hebben: de meerderheid van jongeren met genderdysforie doorloopt een tijdelijk identiteitszoekend proces dat vanzelf oplost. Een kleine minderheid heeft wél een biologisch verankerde genderincongruentie die individuele zorg vereist.

Zijn pleidooi: geen ideologisch gedreven aanpak — niet affirmatief als dogma, niet verbieden als dogma — maar evidence-based, individueel maatwerk.

Relevantie voor Nederland

De stijging die Omary documenteert is niet alleen een Amerikaans fenomeen. Ook in Nederland is het aantal aanmeldingen bij genderklinieken in korte tijd sterk gestegen, met een opvallende toename van adolescente meisjes. Zijn onderzoek onderstreept de noodzaak van gedegen psychologische screening voordat medische interventies worden ingezet.


Bronnen:

  • Omary A. (2026). I studied gender dysphoria. Both sides tried to shut it down. Boston Globe. bostonglobe.com
  • Omary A. (2025). A Biopsychosocial Model of Adolescent Gender Dysphoria. Harvard University Doctoral Dissertation. dash.harvard.edu
  • Omary A. (2025). Gender dysphoria in adolescence: examining the rapid-onset hypothesis. PMC. PMC

Deel dit artikel: