Kinnon MacKinnon — detransitie is meer dan spijt
Kinnon MacKinnon, Canadese socioloog en onderzoeker van detransitie, bespreekt in dit academische gesprek waarom detransitie een complex sociaal en
Over Kinnon MacKinnon
Kinnon MacKinnon is universitair docent aan de School of Social Work van York University in Toronto en een interdisciplinair onderzoeker met een achtergrond in gender studies, social work en public health sciences. Hij bestudeert al ongeveer tien tot elf jaar transgendergeneeskunde en hoe genderdiverse mensen toegang tot deze zorg ervaren. Hij is hoofdonderzoeker van de Dare-studie (Detransition Analysis, Representation and Exploration), een binationaal onderzoek onder Amerikanen en Canadezen naar de ervaringen van detransitie, hertransitie en identiteitsfluïditeit. In dit gesprek schuift ook Pablo Expósito aan, een psycholoog uit Spanje met een achtergrond in klinische psychologie, wetenschapsfilosofie en gender studies, die promotieonderzoek doet naar de ondersteuning van trans personen en detransitioners.
Detransitie als complex, meervoudig verschijnsel
Beide onderzoekers benadrukken dat zowel transitie als detransitie zelden door één enkele factor te verklaren is. Er is meestal een mix van een hoofdfactor, bijdragende factoren en een katalysator, waarbij de hoofd- en bijdragende factoren vaak psychologisch zijn en de katalysator een extern gebeurtenis. MacKinnon merkt op dat zelfbegrip van mensen in de loop van de tijd kan veranderen: hoe iemand zijn transitie begrijpt, kan jaren later anders zijn. In zijn eerste onderzoek, de Re/De Trans Canada-studie, werden 28 mensen geïnterviewd met ervaringen van detransitie of hertransitie; redenen liepen uiteen van chirurgische complicaties en verslechterde mentale gezondheid tot het gevoel klem te zitten in een opgelegde genderrol. Expósito wijst erop dat ook het denken over de eigen transitie evolueert, en dat wat aanvankelijk als reden werd gezien achteraf anders kan worden geduid.
Voorbij spijt: definitie, cijfers en emoties
Een centraal thema is dat er geen consensus bestaat over wat detransitie precies inhoudt. Definities verschillen per clinicus, onderzoeker of betrokkene, variërend van het stoppen met hormonen of het juridisch terugdraaien van een gendermarker tot een interne verschuiving in identiteit. MacKinnon richt zich vooral op die identiteitsverandering en stelt voor detransitie als paraplubegrip te zien. Door uiteenlopende definities zijn cijfers slecht vergelijkbaar; Expósito noemt dat oude schattingen van 1% uit een ander tijdperk komen en plaatst de waarde grofweg ergens tussen 1% en 10%, terwijl hij een vaak aangehaalde Amerikaanse studie waarin circa 30% van de trans personen stopte met het ophalen van hormoonrecepten als verkeerd geïnterpreteerd bestempelt. Beiden vinden dat de fixatie op getallen afleidt van echte mensen met echte zorgbehoeften. Volgens hen is spijt vaak geen passend woord: ambivalentie komt veel voor, en bij ernstige chirurgische complicaties spreken zij liever van schade, trauma of rouw.
Polarisatie, bruggen bouwen en verantwoordelijkheid
De trans- en detransgemeenschappen zijn online sterk gepolariseerd, terwijl gesprekken in het echte leven volgens beide onderzoekers veel opener en empathischer verlopen. MacKinnon is sceptisch over bruggen bouwen via sociale media, die volgens hem ontworpen zijn om te verdelen, maar pleit ervoor dat lhbtq-organisaties mensen die detransitioneren erkennen en ondersteunen. Expósito benadrukt het belang van veilige ruimtes waarin trans personen en detransitioners zelf hun verhaal kunnen vertellen, zonder dat hun ervaringen worden ingezet voor politieke doeleinden. Beiden zien een verantwoordelijkheid voor onderzoekers om dit thema neutraal te benaderen en de volle complexiteit ervan te verdragen, zodat zorg en ondersteuning centraal komen te staan in plaats van eindeloze debatten.
Bronnen
Let op: deze video is Engelstalig. Bekijk onze Verhalen voor Nederlandstalige getuigenissen.