Dr. Stephen Levine — wat ouders moeten weten over psychotherapie voor trans-geïdentificeerde adolescenten (Genspect)
Dr. Stephen Levine, een van de meest ervaren psychiaters op het gebied van genderdysforie, legt bij Genspect uit wat ouders moeten weten over
Over Dr. Stephen Levine
In deze lezing voor Genspect bespreekt psychiater Dr. Stephen Levine wat ouders moeten weten wanneer een trans-geïdentificeerde minderjarige psychotherapie ondergaat. Hij benadrukt dat psychotherapie pas zou moeten beginnen na een evaluatieproces waarbij de ouders betrokken zijn. Ouders kennen hun kind het best: zij delen hun beeld van het probleem en het verloop ervan, de ontwikkelingsgeschiedenis vanaf de zwangerschap, de sterke kanten en beperkingen van het kind, en eerdere medische en psychiatrische interventies. Volgens Levine moeten ouders bovendien zelf inschatten of de therapeut te vertrouwen is. Een evaluatie kan bestaan uit gesprekken met kind en ouders samen, apart met het kind, apart met de ouders, eventueel psychologisch testonderzoek, en een afsluitend gesprek over het behandelplan.
Grenzen van de wetenschap rond psychotherapie
Levine schetst openhartig de problemen in de wetenschap achter psychotherapie voor trans-geïdentificeerde jongeren. Er is volgens hem geen sterk objectief bewijs dat psychotherapie een terugkeer naar de cisgender-rol kan bevorderen, er zijn geen placebo-gecontroleerde trials, en er is geen systematische follow-up van de inspanningen van therapeuten of klinieken. Positieve claims berusten op casusbeschrijvingen of kleine reeksen, die hooguit aantonen dat iets mogelijk is. De kern van psychotherapie ligt in de subjectiviteit van patiënt en therapeut, terwijl wetenschap juist op objectieve, telbare grootheden steunt. Daarom verwacht hij niet dat de wetenschap psychotherapie sterk zal verbeteren; wel kan zij het natuurlijke verloop bestuderen. Hij pleit ervoor dat organisaties therapeuten samenbrengen om ervaringen en inzichten te delen.
Adolescentie en de betekenis van een nieuwe genderidentiteit
Volgens Levine is een nieuwe genderidentiteit een zichtbare uiting van iets verborgens dat de patiënt nog niet wil of kan delen, met nooit één enkele oorzaak. Hij stelt als zijn eigen, betwistbare uitgangspunt dat een nieuwe trans-identiteit een private, deels onbewuste, creatieve maar ambivalente en maladaptieve oplossing is voor een reeks ervaren problemen. Veel jongeren proberen een diepe teleurstelling in zichzelf te ontvluchten of vrezen een tekortschietende man of vrouw te worden, en hopen gelukkiger te zijn in het andere geslacht. Hij wijst op zes kenmerken van tieners: ze zijn vroegtijdig stellig, emotioneel intens, sterk gericht op hun positie onder leeftijdsgenoten, vatbaar voor jeugdcultuur, op zoek naar een betrouwbare nieuwe autoriteit, en vooral veranderlijk. Therapie is een traag proces, net als de adolescentie zelf.
Wat ouders kunnen doen
Levine moedigt ouders aan om als waakzame "leeuwen" potentiële therapeuten vooraf te interviewen, telefonisch of in een eerste gesprek. Mogelijke vragen: welke ervaring heeft u met dit probleem, heeft u de Cass Review gelezen, hoe verloopt uw evaluatie bij een kind van deze leeftijd, bent u beschikbaar voor langdurige begeleiding, en hoe gaat u om met ouders? Defensieve reacties ziet hij als reden om verder te zoeken. Hij benadrukt dat ouders geen vijand of "transfoob" zijn, maar bezorgde, liefhebbende mensen. Bij een kind dat niet naar therapie wil, adviseert hij ouders eerst zelf de rol van gesprekspartner te nemen en de impasse rustig te benoemen. Tot slot stelt hij dat therapie alleen werkt als ouder, kind en therapeut vertrouwen hebben in de relatie, en waarschuwt hij om hem niet als redder te zien.
Bronnen
Let op: deze video is Engelstalig. Bekijk onze Verhalen voor Nederlandstalige getuigenissen.