Nieuwe klinische gids van de Gender Exploratory Therapy Association
Nieuwe klinische gids van de Gender Exploratory Therapy Association
Over de Gender Exploratory Therapy Association
In deze webinar, georganiseerd door FAIR in Medicine, presenteert het leiderschapsteam van de Gender Exploratory Therapy Association (GETA) een nieuwe klinische gids voor therapeuten die werken met jongeren die met genderdysforie worstelen. Aan het woord komen Sasha Ayad (counselor in Arizona), Roberta D'Angelo (psychiater en psychoanalyticus in New South Wales, Australië), Lisa Marciano (klinisch maatschappelijk werker en analytica in Philadelphia) en Stella O'Malley (psychotherapeut in Ierland en oprichter van Genspect). Ze werken allen sinds ongeveer 2015-2016 met genderdysfore jongeren en zagen in die periode een sterke toename. GETA werd in 2021 opgericht als non-profit en richt zich op het bevorderen van psychotherapie bij genderdysforie. De gids verscheen begin december en is gratis te downloaden via genderexploratory.com.
Wat exploratieve therapie wel en niet is
De sprekers benadrukken dat exploratieve therapie geen conversietherapie is. Volgens hen wordt die term tegenwoordig onterecht geplakt op elke vorm van hulp die niet meteen de gestelde genderidentiteit bevestigt. Affirmatie en conversie zijn volgens hen niet de enige twee opties: genderdysforie is een complex en uniek verschijnsel dat per persoon onderzocht moet worden. Exploratieve therapie staat open voor uiteenlopende uitkomsten en heeft geen vooropgezet doel; de therapeut probeert jongeren niet te overtuigen dat ze niet trans zijn, maar gaat een proces van dialoog en zelfonderzoek aan. De sprekers verwijzen naar onafhankelijke systematische reviews uit Zweden, Finland en het Verenigd Koninkrijk, die concludeerden dat de bewijskracht voor genderbevestigende behandelingen laag tot zeer laag is, waarna die landen het gebruik bij jongeren sterk hebben ingeperkt.
Uitgangspunten van het therapeutische werk
Genderdysforie ontstaat volgens GETA in een context: gezin, ontwikkelingsgeschiedenis, school, vriendschappen, interesses en de politieke omgeving spelen mee. De aanpak is ontwikkelingsgericht, omdat transidentificatie vaak verweven is met normale adolescentiethema's zoals losmaking en identiteitsvorming. Ook comorbide problemen zoals angst, depressie, eetstoornissen, autisme en ADHD worden meegewogen, waarbij niet wordt aangenomen dat deze altijd het gevolg zijn van genderdysforie. Sexuele ontwikkeling en geïnternaliseerde homofobie kunnen een rol spelen. Het proces vraagt tijd en een vertrouwensband, in tegenstelling tot de enkele afspraken die soms aan medische behandeling voorafgaan. Bij suïcidaliteit stellen de sprekers dat er geen overtuigend bewijs is dat genderbevestigende behandeling het risico op voltooide suïcide verlaagt, en dat therapeuten dit risico op andere manieren kunnen begeleiden. Geïnformeerde toestemming vereist volgens hen dat jongeren begrijpen waar hun wens vandaan komt en op de hoogte zijn van de risico's en onzekerheden.
Casus Stephen/Amy
Stella O'Malley bespreekt een casus van een jongvolwassene die als man binnenkwam, zich sinds een half jaar als vrouw identificeerde en op medische transitie wachtte. Hij was gestopt met zijn studie, leefde teruggetrokken en online, vertoonde autistische trekken en dwangmatig gedrag. In therapie kwam een geschiedenis van langdurig en hevig pesten naar boven, ook bij beide ouders. Het team haalde de zelfopgelegde regel weg dat transitie pas na therapie mocht, om autonomie te respecteren. Stephen begon te transitioneren als Amy: uitbundiger, maar ook met huilbuien en toegenomen suïcidale gedachten. Geleidelijk ontstond meer zelfinzicht en zelfacceptatie; Amy wisselde van studierichting naar film. De sprekers benadrukken dat de therapeutische relatie, niet de techniek, het belangrijkst is.
Bronnen
Let op: deze video is Engelstalig. Bekijk onze Verhalen voor Nederlandstalige getuigenissen.