Genderdysforie begrijpen — met Dr. Michael Bailey
Psycholoog Dr. Michael Bailey, gespecialiseerd in seksuele oriëntatie en genderidentiteit, legt uit hoe genderdysforie wetenschappelijk begrepen moet
Over Dr. Michael Bailey
Michael Bailey is hoogleraar psychologie aan de Northwestern University, waar hij sinds 1989 werkt. Het grootste deel van zijn onderzoek ging over seksuele oriëntatie, maar de afgelopen jaren bestudeert hij steeds vaker genderdysforie en transgenderidentiteit. Deze presentatie werd gegeven in een webinar van Fair Medicine en de Society for Evidence-Based Gender Medicine (SEGM), geleid door Dr. Carrie Mendoza. Bailey vertelt dat hij dit veld al zo'n dertig jaar bestudeert en noemt collega's met wie hij samenwerkt, onder wie Ken Zucker, Ray Blanchard en Lisa Littman. Hij beschrijft zichzelf als "wetenschappelijk onenigheidsgezind": bereid om op wetenschappelijke gronden met iedereen van mening te verschillen.
Drie soorten genderdysforie
De kern van Baileys betoog is dat "genderdysforie" geen enkel verschijnsel is, maar dat er volgens hem drie verschillende vormen bestaan met verschillende oorzaken, presentaties en waarschijnlijk verschillende optimale behandelingen. De eerste is genderdysforie die in de kindertijd begint, vóór de puberteit, bij zowel jongens als meisjes, met duidelijke tekenen van gendernon-conformiteit. Vroeger groeiden de meeste van deze kinderen er weer overheen voor de adolescentie; bleef het bestaan tot midden in de adolescentie, dan was voortduren waarschijnlijk. Bailey koppelt deze vorm sterk aan latere aantrekking tot hetzelfde geslacht. Als bekend voorbeeld noemt hij Jazz Jennings. De tweede vorm is autogynefiele genderdysforie en de derde is "rapid onset" genderdysforie.
Autogynefilie en "rapid onset"
Bailey legt autogynefilie uit als seksuele opwinding bij een man bij de fantasie een vrouw te zijn of vrouwelijkheid na te bootsen; hij beschrijft het als een soort geïnternaliseerde seksuele aantrekking. Het begint volgens hem in de vroege adolescentie en is voor ouders meestal niet zichtbaar. Hij benadrukt dat het iets anders is dan narcisme. De derde vorm, "rapid onset" genderdysforie, treedt op bij adolescenten of jongvolwassenen die eerder geen tekenen van genderproblemen vertoonden en plotseling aangeven trans te zijn. Hij verwijst naar een sterke toename van het aantal gevallen tussen ongeveer 2010 en 2018-19, vooral bij meisjes, en naar mogelijke sociale beïnvloeding of besmetting. Als voorbeeld noemt hij Helena Kirschner, die volgens hem gedetransitioneerd is. Bailey plaatst dit in een bredere geschiedenis van verschijnselen die vooral meisjes en vrouwen troffen.
Onderzoek, censuur en de roep om follow-up
Bailey bespreekt het onderzoek dat hij met Suzanna Diaz publiceerde, gebaseerd op ouderrapportages via de website parentsofrogdkids.com over kinderen tussen 11 en 21 jaar. Hij noemt onder meer een hoge mate van eerdere emotionele problemen en dat ouders die een gendertherapeut raadpleegden zich onder druk gezet voelden om hun kind te laten transitioneren. Hij beschrijft hoe dit werk en dat van Lisa Littman op weerstand stuitte, en hoe hijzelf eerder werd "gecanceld" rond zijn boek "The Man Who Would Be Queen" uit 2003. Door de hele presentatie heen pleit Bailey voor meer en beter onderzoek, voor open debat aan universiteiten, en vooral voor langetermijn follow-up van mensen die medisch behandeld worden. Hij zegt persoonlijk geen bezwaar te hebben tegen een moratorium op medische behandeling bij minderjarigen totdat er beter bewijs is, maar wil niet zeggen dat transitie nooit zou moeten plaatsvinden.
Bronnen
Let op: deze video is Engelstalig. Bekijk onze Verhalen voor Nederlandstalige getuigenissen.