Hoe ouders klinisch kunnen omgaan met genderdysforie bij kinderen — dr. Quentin Van Meter
Dr. Quentin Van Meter, kinderendocrinoloog, geeft ouders klinisch inzicht in hoe zij kunnen omgaan met genderdysforie bij hun kinderen.
Over dr. Quentin Van Meter
In dit gesprek met Washington Watch spreekt dr. Quentin Van Meter, kinderendocrinoloog en voorzitter van het American College of Pediatricians, over de vraag hoe ouders, grootouders en families op een klinische manier kunnen omgaan met genderdysforie bij een kind. Het programma richt zich nadrukkelijk niet op de politieke kant van het onderwerp, maar op hoe de situatie uitwerkt in het dagelijks leven van gezinnen die ermee te maken krijgen.
Begrip als startpunt
Het eerste wat families volgens Van Meter nodig hebben, is begrip en mededogen. Wanneer een kind het gevoel heeft in het verkeerde lichaam te zijn geboren, wijst dat in zijn visie op onderliggende problemen op het gebied van geestelijke gezondheid, niet op iets dat genetisch vastligt. Hij benadrukt dat ouders tijd hebben om die onderliggende kwesties zorgvuldig te onderzoeken. De vaak geuite dreiging dat een kind zelfmoord pleegt als er niet meteen wordt 'bevestigd', noemt hij geen wetenschappelijke waarheid, maar een drukmiddel dat een kind te snel een medisch en chirurgisch traject in zou drijven.
Internet, school en sociale invloed
Van Meter wijst op de rol van internet en online gemeenschappen, die volgens hem kwetsbare tieners aantrekken met de boodschap dat ze geliefd en bijzonder zijn als ze accepteren dat ze in het verkeerde lichaam zijn geboren. Hij beschrijft hoe jongeren soms wordt voorgehouden hun eigen familie als vijand te zien. Ook leraren, schoolcounselors en in sommige gevallen artsen kunnen volgens hem deel uitmaken van deze invloed. Hij adviseert ouders het internetgebruik van hun kinderen te monitoren, grenzen te stellen aan apparaten in de slaapkamer en proactief en open het gesprek aan te gaan.
Hoe ouders het beste kunnen reageren
Volgens Van Meter is de verkeerde reactie het kind isoleren, boos of straffend optreden of het met fysiek geweld of dreigementen benaderen. Hij beschrijft de situatie als een hulpkreet van een kind dat worstelt met angst en somberheid. Ouders mogen volgens hem erkennen dat ze niet perfect zijn en mogelijk onbedoeld een rol hebben gespeeld, en samen met hun kind hulp zoeken vanuit de boodschap dat het gezin elkaar koestert. Hij verwijst ouders naar de website van het American College of Pediatricians, dat zich als seculiere organisatie presenteert met informatie en een netwerk van hulpverleners. Tot slot stelt hij dat de American Academy of Pediatrics in zijn ogen de afgelopen decennia meer een politieke organisatie is geworden, waardoor ouders heel verschillende adviezen kunnen tegenkomen.
Bronnen
Let op: deze video is Engelstalig. Bekijk onze Verhalen voor Nederlandstalige getuigenissen.