Waarom de transgemeenschap detransitioners vreest — Helen Joyce
Helen Joyce analyseert waarom de transgemeenschap zo intens reageert op detransitioners en hun verhalen probeert te onderdrukken.
Over Helen Joyce
In dit Engelstalige interview legt Helen Joyce uit waarom mensen die hun transitie ongedaan maken zo'n moeilijke positie innemen binnen de transgemeenschap. Volgens haar worden mensen die niets met de beweging te maken hebben doorgaans met rust gelaten, maar wie geacht wordt mee te gaan en dat vervolgens niet doet, wordt behandeld als een afvallige of ketter. Detransitioners — mensen die zich vroeger als trans identificeerden en dat nu niet meer doen — krijgen volgens haar daarom de hardste behandeling.
Wat detransitie inhoudt
Joyce maakt onderscheid tussen mensen die zich enkel als trans identificeren en mensen die een medisch traject doorlopen. Bij die laatste groep gaat het om personen die hormoonblokkers nemen, eventueel cross-sekse hormonen gebruiken en soms operaties ondergaan om hun lichaam meer op het andere geslacht te laten lijken — en die later concluderen dat dit geen goed idee was. Het gesprek draait om de vraag hoe vaak dat voorkomt en hoe daarmee wordt omgegaan.
Waarom "spijt" volgens haar het verkeerde begrip is
In het interview wordt de bekende vergelijking aangehaald dat minder mensen zouden klagen over deze ingrepen dan over mislukte knieoperaties. Joyce noemt dat een rondzingende mythe en stelt dat vrijwel niemand de betrokkenen daadwerkelijk heeft nagevraagd. Bovendien vindt zij "spijt" een ongeschikt criterium: bij andere medische behandelingen beoordelen we de effectiviteit niet op basis van spijt, maar door de behandeling te vergelijken met niets doen of met een ander traject. Sommige ingrepen, zoals bepaalde rug- of knieoperaties, blijken pas zinloos wanneer je ze met niet-opereren vergelijkt, omdat mensen vaak vanzelf herstellen en de verbetering ten onrechte aan de operatie toeschrijven.
Zelfvergeving en de tijdshorizon
Joyce wijst erop dat wat is weggehaald niet terug te krijgen is, en dat mensen zich psychisch aanpassen aan wat hun is overkomen. Velen herschrijven hun beslissing om ermee te kunnen leven en zeggen bijvoorbeeld dat ze in een moeilijke periode zaten, zichzelf vergeven en er sterker uit zijn gekomen. Wie iets van medisch onderzoek weet, herkent daarin volgens haar juist iemand die de ingreep beter niet had kunnen ondergaan. Zelfs wanneer je dat begrip "spijt" wél hanteert, komt zij op tien procent en hoger uit, overal waar er serieus naar gekeken is. Daarnaast wijst zij op de lange tijdshorizon: veel vrouwen beseffen pas in hun late dertiger jaren dat ze kinderen willen, en mogelijke langetermijngevolgen — zoals vragen rond hormoongebruik op latere leeftijd — worden pas na decennia zichtbaar.
Bronnen
Let op: deze video is Engelstalig. Bekijk onze Verhalen voor Nederlandstalige getuigenissen.