Helena Kerschner — Hoe ze het transgenderverhaal doorzag
Helena Kerschner bespreekt in de podcast van therapeute Stephanie Winn haar weg door de transgenderwereld en hoe ze besefte te zijn misleid.
Over Helena Kerschner en Stephanie Winn
In deze aflevering van de podcast "You Must Be Some Kind of Therapist" spreekt therapeute Stephanie Winn met Helena Kerschner, een detransitioner die online bekend werd door haar verhaal te delen. Helena legt uit wat detransitie inhoudt: iemand die zich als trans identificeerde en medische stappen zette om te transitioneren, en die stappen daarna stopzette of terugdraaide. Zelf identificeerde ze zich gedurende haar tienerjaren als trans en begon ze kort na haar achttiende met testosteron. Na ongeveer anderhalf jaar stopte ze ermee en kort daarna liet ze ook de trans-identiteit los.
Fantasie als houvast
Helena beschrijft hoe de trans-identiteit voor haar vooral werkte als een vorm van fantasie en houvast. Het gaf haar het gevoel dat iets haar volledig verklaarde en dat ze, zolang ze dat ene pad volgde, in de toekomst een ander en gelukkiger mens zou worden. In haar echte leven ging het slecht: ze haatte haar uiterlijk, verloor haar vriendschappen, voelde zich alleen en zag geen toekomst voor zichzelf. Online, in spaces rond fictieve media, kon ze zich in die nieuwe identiteit verliezen. Op de achtergrond speelde een complex verdriet uit haar jeugd, met gevoelens van verlies en verlatenheid die ze als tiener niet kon plaatsen. De fantasie noemt ze een reddingsvlot dat haar op de been hield, maar volgens haar verdween dat voordeel zodra de fantasie via hormonen en sociale bevestiging werkelijkheid werd en de verwarring juist groter maakte.
Testosteron, hospitalisatie en diagnose
Helena vertelt dat ze meteen een naar eigen zeggen hoge dosis testosteron kreeg voorgeschreven. Ze ervoer afwisselend gevoelloosheid en hevige, allesoverheersende woede die ze daarvoor en daarna nooit kende. In die periode raakte haar leven in een scherpe neerwaartse spiraal en werd ze tweemaal opgenomen. In het ziekenhuis werd volgens haar geen verband gelegd met de testosteron; ze kreeg de diagnose borderline-persoonlijkheidsstoornis, waar ze zich niet in herkent, en benzodiazepines voorgeschreven. Pas maanden nadat ze met testosteron stopte, merkte ze dat die symptomen verdwenen en legde ze zelf het verband. Stephanie Winn wijst erop dat het systeem haar tekortdeed door de hormonen niet mee te wegen in de beoordeling van haar klachten.
Affirmatie, gezin en wat zij nodig had
Helena beschrijft een eerdere therapeut die bevriend was met haar moeder, en daarna een schoolpsycholoog die haar trans-identiteit direct bevestigde en haar richting een genderkliniek wees. In een gezinssessie ontstond volgens haar een situatie waarin zij en de therapeut tegenover haar moeder kwamen te staan, wat de toch al gespannen relatie verder beschadigde. Beiden bespreken hoe affirmatieve zorg de onderliggende problemen kan overslaan. Helena's kernboodschap aan ouders, leraren en therapeuten is dat deze jongeren complexe, unieke mensen zijn die vooral iemand nodig hebben die naar hen omkijkt, naar hen luistert en hen helpt begrijpen wat ze doormaken, in plaats van zich blind te staren op gender. Een aandachtige, eerlijke ouder kan volgens haar geen therapeut vervangen.
Bronnen
Let op: deze video is Engelstalig. Bekijk onze Verhalen voor Nederlandstalige getuigenissen.