Jesse Singal over zijn controversieel Atlantic-artikel over transgenderjongeren
Singal schreef voor The Atlantic een grondige analyse van de bewijsbasis voor genderbevestigende zorg bij jongeren. In dit interview bespreekt hij waarom het artikel zoveel weerstand opriep en verdedigt hij zijn bevinding dat detransitie vaker voorkomt dan doorgaans wordt erkend. Hij pleit voor meer wetenschappelijk onderzoek voor er wordt overgegaan tot onomkeerbare behandelingen.
Over Jesse Singal
Jesse Singal is een in New York gevestigde journalist die uitgebreid over genderzorg bij jongeren heeft geschreven. In dit gesprek met de Quillette-podcast, opgenomen in de bibliotheek van de Yale Club in New York, blikt hij terug op zijn coverstory in The Atlantic met de titel "When Children Say They're Transgender". Dat artikel van ongeveer 13.000 woorden riep zowel veel lof als veel kritiek op. Singal benadrukt herhaaldelijk dat er ook serieuze, te goeder trouw geleverde kritiek was, maar dat juist de minder welwillende reacties het meest opvielen.
Affirmatieve zorg en informed consent
Singal stelt dat zijn positie soms volledig werd omgedraaid. Zo schreef Andrea Long Chu in The New York Times alsof hij toegang tot hormonen of operaties wilde tegenhouden, terwijl hij in zijn artikel juist het principe van informed consent uiteenzette: zodra iemand is geinformeerd over de mogelijke voor- en nadelen van een behandeling, moet die persoon zelf de uiteindelijke keuze maken. Volgens Singal zijn de geraadpleegde gezaghebbende instanties het erover eens dat affirmatieve zorg het beste is, maar is dat begrip vaag en voor verschillende mensen anders ingevuld. Hij citeert clinicus Diane Ehrensaft, die zelf door veel trans mensen wordt gewaardeerd, dat affirmatieve zorg bij jongeren niet betekent dat je alles klakkeloos goedkeurt; het vraagt om exploratie en begrip van waar het kind vandaan komt. Soms leidt dat tot fysieke behandelingen, soms niet.
Desistance en detransitie
In zijn reportage sprak Singal met clinici, kinderen en ouders, onder wie mensen die transitioneerden, mensen wier genderdysforie wegging (desisters) en detransitioners. Hij wijst erop dat het beschikbare bewijs suggereert dat bij een deel van de kinderen met echte genderdysforie de dysforie later verdwijnt, al is er volgens hem te weinig data om te voorspellen welke kinderen volharden en welke desisteren. Tegelijk benadrukt hij dat het beste bewijs voor mensen met ernstige, aanhoudende dysforie suggereert dat hormonen een groot verschil maken. Hij betreurt dat ouders door de werking van sociale media en activisme vaak in eenzijdige hoeken belanden, waar desistance een mythe wordt genoemd of detransitie alleen aan vooroordelen wordt toegeschreven.
Littman, Zucker en de kosten van deze journalistiek
Singal bespreekt het peer-reviewed artikel van Lisa Littman over "rapid onset gender dysphoria". Hij erkent methodologische kritiek, met name selectiebias doordat zij gegevens zocht op online fora van sceptische ouders, maar zegt dat de beschreven verschijnselen overeenkwamen met wat hij in zijn eigen reportage tegenkwam. Hij waarschuwt wel dat ouders hieruit niet mogen concluderen dat een kind niet echt trans kan zijn. Ook verwijst hij naar zijn stuk in New York Magazine over Ken Zucker, die door een kliniek in Toronto werd ontslagen op basis van beschuldigingen die Singal niet onderbouwd kon krijgen; de kliniek bood later deels excuses aan en trof een schikking. Singal beschrijft hoe schrijven over dit onderwerp je reputatie kan schaden, en zegt dat hij geneigd blijft onderwerpen te onderzoeken waarvan anderen vinden dat hij ervan af moet blijven.
Bronnen
Let op: deze video is Engelstalig. Bekijk onze Verhalen voor Nederlandstalige getuigenissen.