Marcus Evans — trauma en gendertwijfel bij studenten
Marcus Evans — trauma en gendertwijfel bij studenten
Over Marcus en Susan Evans
In dit gesprek uit de expertreeks van Genspect, geleid door Candace Jackson, spreken psychoanalyticus Marcus Evans en psychoanalytisch psychotherapeut Susan Evans over de relatie tussen genderidentiteit en trauma bij studenten en jongeren. Marcus Evans werkte als volwassenenpsychotherapeut binnen de NHS en bij het Tavistock and Portman NHS-centrum in Londen, en was medeoprichter van de Fitzjohn-dienst voor patiënten met ernstige en langdurige psychische problemen. Susan Evans werkte bijna veertig jaar in diverse geestelijke gezondheidsdiensten binnen de NHS, waaronder de landelijke genderdienst voor kinderen. Samen schreven zij in 2021 een boek over een therapeutisch model voor het werken met kinderen, adolescenten en jongvolwassenen met genderdysforie. Hun observaties komen voort uit een eigen praktijk waarin Susan vooral met ouders en kinderen werkt en Marcus vooral met jongvolwassenen boven de achttien.
Trauma en de kwetsbare adolescent
Volgens Marcus Evans zijn psychologische sterktes en zwaktes altijd multifactorieel. Trauma is daarbij belangrijk, maar je moet het individu en zijn beleving samen bekijken: naast grote trauma's bestaan kleinere, minder zichtbare gebeurtenissen die een kind als ingrijpend ervaart. De jongeren die zij zien, beschrijven zij als vaak fragiel, perfectionistisch, met weinig zelfvertrouwen en moeite om emoties te verdragen. Ze voelen zich vaak buitenstaanders die hun plek niet vinden, in het gezin noch daarbuiten. Een vroege moeilijke ervaring kan opnieuw oplaaien op een kantelpunt in de ontwikkeling, zoals de puberteit of het verlaten van het ouderlijk huis. Wanneer iemand de psychologische bagage mist om die druk te dragen, ontstaat volgens hen de neiging om alles te vernauwen tot één probleem met één oplossing.
Zekerheid, twijfel en de exploratieve benadering
Susan Evans wijst erop dat veel van deze kinderen kenmerken van autisme of neurodiversiteit kunnen hebben en moeite hebben om aan te sluiten bij leeftijdsgenoten. Marcus Evans beschrijft hoe afweermechanismen als afsplitsing en projectie ervoor zorgen dat twijfels en verwarring bij ouders of hulpverleners terechtkomen, terwijl het kind zich juist absoluut zeker voelt. Die stelligheid zien zij als problematisch, omdat twijfel bij een rijp besluit hoort. Beiden benadrukken dat hun werkwijze niet draait om afkeuren of "ompolen", maar om openhouden en het hele mens bekekijken: schoolprestaties, vriendschappen, gezinsrelaties. Zij verwijzen naar de Cass Review, geleid door Hilary Cass, die concludeerde dat er onvoldoende bewijs is voor de medische aanpak en pleitte voor een holistische, voorzichtige benadering. Ook noemen zij het vertrek van figuren als Stephen Levine en Ken Zucker bij WPATH, en koerswijzigingen in Zweden en Finland.
Medicalisering, kortetermijnverlichting en detransitie
Het echte keerpunt is volgens Marcus Evans dat een psychologisch probleem medisch wordt behandeld, terwijl follow-up grotendeels ontbreekt. Hij beschrijft hoe medicatie tijdelijke verlichting of euforie kan geven, als een soort pantser rond een kwetsbare persoonlijkheid, maar dat onderliggende pijn op termijn terugkeert. Susan Evans wijst op het risico dat counselors meegaan in een bevestigende lijn omdat het veiliger voelt en uit angst voor het verwijt van conversietherapie. Bij detransitie, zoals bij Keira Bell die de juridische procedure overnam, beschrijven zij een rouwproces vol schaam, verbroken relaties en soms felle afwijzing door eerdere steungroepen. Ze pleiten ervoor dat de exploratieve, ondersteunende benadering in beide richtingen geldt, zowel bij wie wil transitioneren als bij wie wil detransitioneren.
Bronnen
Let op: deze video is Engelstalig. Bekijk onze Verhalen voor Nederlandstalige getuigenissen.