Ex-klinisch leider Tavistock hekelt transgenderkliniek
Marcus Evans was jarenlang klinisch leider bij de Tavistock-genderkliniek en nam ontslag uit protest tegen het beleid. In dit interview bespreekt hij de gevaren van het affirmerende zorgmodel en de druk die clinici ervoeren om jongeren te bevestigen in hun genderidentiteit. Hij noemt de gang van zaken bij Tavistock een van de grootste medische schandalen van zijn generatie.
Over Marcus Evans
Marcus Evans werkte als manager binnen de Tavistock-trust, waarvan de genderkliniek voor jongeren (GIDS) slechts één onderdeel vormde. In dit Engelstalige interview vertelt hij dat hij meer dan veertig jaar in de psychiatrie actief is. Zijn vrouw, verpleegkundige bij de kliniek, trok in 2005 al aan de bel over de gang van zaken. Toen Evans in 2018 een vrijwillige positie in de raad van bestuur op zich nam, kreeg hij meteen een rapport van zijn collega David Bell onder ogen, samen met een brief van tien ouders die dezelfde zorgen uitten.
Jarenlang genegeerde waarschuwingen
Evans wijst op een medisch rapport uit 2006 van medisch directeur David Taylor, dat concludeerde dat de kliniek buiten de gebruikelijke medische governance opereerde. Volgens dat rapport ontbrak het bij een behandeling met langdurige gevolgen voor kwetsbare kinderen aan onderzoek, follow-up en aandacht voor de keerzijde van de behandeling. Dat rapport werd grotendeels genegeerd. Toen Evans in 2018 het stuk van David Bell en de brief van ouders zag, beschreven die volgens hem vrijwel dezelfde problemen. In vijftien à zestien jaar was er, zegt hij, niets veranderd aan de werkwijze, terwijl de lichamen van veel jonge mensen wél ingrijpend waren veranderd.
Een veranderde groep jongeren
Evans beschrijft een sterke toename van het aantal jongeren dat zich aanmeldt, vooral meisjes die geloven dat transitie de oplossing is voor hun problemen, waaronder psychische klachten. Waar de aanmeldingen vroeger kleine aantallen oudere mannen betroffen die naar vrouw wilden transformeren, ziet hij sinds 2000 een verschuiving naar veel jongere meisjes van twaalf, dertien of veertien die naar jongen willen overgaan. In het interview komt ook de term sociale besmetting ter sprake, waarbij via sociale media en vriendengroepen op scholen clusters van jongeren ontstaan die zich als trans identificeren. Evans benoemt dat veel van deze jongeren daarnaast worstelen met eetstoornissen, autisme of moeizame relaties met vrienden en familie.
Affirmeren in plaats van onderzoeken
De kern van Evans' kritiek is dat de kliniek koos voor bevestigen in plaats van onderzoeken. Leraren kregen volgens hem te horen de genderidentiteit van een kind te affirmeren, en de klinieken werkten met een affirmerende benadering. Hij verwijst naar de rechtszaak van Keira Bell, die volgens hem op jonge leeftijd na een beperkt aantal gesprekken op puberteitsremmers werd gezet. Die remmers zijn nooit goed langdurig getest en kunnen volgens hem de vruchtbaarheid en het seksuele leven van een kind ingrijpend beïnvloeden. Evans vindt dat ironisch, omdat de Tavistock juist bekendstond om ontwikkelingspsychologie, psychotherapie en systemische gezinstherapie, terwijl dat denken hier niet werd toegepast. Wie zorgen uitte werd volgens hem transfoob genoemd; het bestuur wilde de discussie liever sluiten dan luisteren. Hij omschrijft het geheel als een geval waarin het politieke verhaal het klinische oordeel overheerste.
Bronnen
Let op: deze video is Engelstalig. Bekijk onze Verhalen voor Nederlandstalige getuigenissen.