Dr. Paul McHugh — genderdysforie, transgenderisme en de zwakheden van de psychiatrie
Dr. Paul McHugh, voormalig hoofd psychiatrie aan Johns Hopkins University, bespreekt zijn jarenlange kritiek op geslachtsbevestigende chirurgie.
Over Paul McHugh
Paul McHugh was vanaf 1975 directeur van de psychiatrie aan Johns Hopkins University. In deze lezing blikt hij terug op zijn jarenlange ervaring met genderdysforie en geslachtsbevestigende chirurgie. Hopkins was een van de eerste klinieken die zulke operaties uitvoerde, mede gepromoot door psycholoog John Money. McHugh beschrijft hoe het ziekenhuis dit programma na ongeveer tien jaar stopzette, omdat een vervolgonderzoek van collega Jon Meyer geen verschil liet zien tussen patiënten die wel en niet geopereerd waren: beide groepen bleven worstelen met werk, opleiding en relaties.
Transgenderisme als sociale rage
McHugh plaatst het thema in het kader van wat de geneticus Lionel Penrose een "craze" of rage noemde: een idee dat verschillende fasen doorloopt, van een latente fase, via een explosieve verspreiding, naar verzadiging, weerstand en uiteindelijk uitdoving. Volgens McHugh zit het transgenderthema in de explosieve fase, sterk versterkt door internet. Hij wijst erop dat de groep mensen die zich aandient veranderd is ten opzichte van de jaren zeventig: toen vooral mannen, nu ook veel vrouwen, kinderen en gevangenen. Hij beschrijft uiteenlopende achtergronden, van erotisch gedreven motieven bij sommige mannen tot psychosociale conflicten, vooral bij vrouwen.
Een stoornis van aanname en de behandeling
McHugh beschouwt genderdysforie als een psychische stoornis, die hij plaatst onder de "stoornissen van aanname" en het concept van het overgewaardeerde idee, vergelijkbaar met anorexia nervosa, waarbij iemand zichzelf dik vindt terwijl hij mager is. Hij bekritiseert de DSM-aanpak met afvinklijsten en pleit voor individuele bestudering van elke patiënt. In plaats van uitsluitend bevestigende zorg bepleit hij psychotherapie, groepstherapie en gezinstherapie, en stelt hij dat fysieke ingrepen zoals hormonen of chirurgie volgens hem niet voor het 21e jaar zouden moeten plaatsvinden.
Bewijs, kinderen en intersekse
McHugh noemt het bewijs voor de baten van bevestigende behandeling zwak, omdat vergelijkende en gerandomiseerde studies ontbreken. Hij verwijst naar het werk van Ken Zucker en naar een Zweedse cohortstudie waarin pas na tien tot vijftien jaar een sterke stijging van sterfte, vooral door zelfdoding, zichtbaar werd. Hij benadrukt dat de overgrote meerderheid van kinderen die zich genderdysfoor voelen, daar later overheen groeit als ze met rust gelaten worden. Bij intersekse kinderen bepleit hij chirurgie alleen om infectie te voorkomen en het kind later zelf te laten beslissen. Tot slot trekt hij een parallel met de eerdere rage rond multiple persoonlijkheid en hervonden herinneringen, en roept hij op tot echt wetenschappelijk vergelijkend onderzoek en tot terughoudendheid bij ouders.
Bronnen
Let op: deze video is Engelstalig. Bekijk onze Verhalen voor Nederlandstalige getuigenissen.