Reem Alsalem: VN-statement over vrouwen, geweld en genderidentiteitsbeleid
VN Special Rapporteur Reem Alsalem legt in een officieel statement haar zorgen uit over hoe genderidentiteitsbeleid de bescherming van vrouwen tegen geweld kan ondermijnen. Ze wijst op de risico's van toegang tot vrouwenruimten op basis van zelfidentificatie en de gevolgen voor kwetsbare vrouwen in gevangenissen, opvanghuizen en zorgfaciliteiten. Het statement is gericht aan staten en internationale instellingen.
Over Reem Alsalem
Reem Alsalem is VN Special Rapporteur op het gebied van geweld tegen vrouwen en meisjes. In dit statement, gehouden tijdens een side event op uitnodiging van het Center for Family and Human Rights en de permanente missie van Paraguay, bespreekt zij haar werk over prostitutie en pornografie. Ze verwijst naar een rapport dat ze aan de Mensenrechtenraad presenteerde over het verband tussen prostitutie en geweld tegen vrouwen en meisjes. In dat rapport benadert zij pornografie als gefilmde prostitutie, en in deze bijdrage behandelt ze beide onderwerpen.
Prostitutie als systeem van uitbuiting en geweld
Alsalem concludeert dat prostitutie een systeem van uitbuiting en geweld is dat vrijwel uitsluitend door mannen wordt gepleegd tegen een meerderheid van vrouwen en meisjes. Volgens haar houden drie partijen dit systeem in stand: de mannen en jongens die seksuele handelingen kopen, de vrouwen en kinderen die worden gekocht, en de derde partijen, of dit nu individuen, bedrijven of staten zijn, die als pooier profiteren van het prostitueren van vrouwen en meisjes. Uit haar gesprekken met vrouwen met geleefde ervaring komt naar voren dat zij worden blootgesteld aan zware vormen van geweld: fysiek, economisch, psychologisch, reproductief en scheiding van familieleden. Dit geweld wordt volgens haar in stand gehouden door patriarchale normen, maar ook door globalisering, commercialisering en het tot handelswaar maken van onder meer vrouwenlichamen.
Kwetsbaarheid en de schade van pornografie
Prostitutie gedijt volgens Alsalem bij economische ongelijkheid, conflict, ondergefinancierde humanitaire situaties, de nalatenschap van kolonialisme en de gevolgen van oorlog. Vrouwen en meisjes met een reeds gemarginaliseerde achtergrond zijn extra kwetsbaar; ze noemt onder meer vrouwen uit gediscrimineerde minderheden, inheemse vrouwen, armere vrouwen en migranten-, vluchtelingen- en staatloze vrouwen. Over pornografie, die zij ziet als gefilmde prostitutie, wijst ze op twee niveaus van schade. Op maatschappelijk niveau vervaagt het de grens tussen wat als seks geldt en wat als seksueel geweld, en vergroot het de kans dat consumenten het geziene geweld in werkelijkheid nabootsen. Voor meisjes is de voortdurende boodschap dat zij vooral geschikt zouden zijn om geseksualiseerd te worden volgens haar zeer schadelijk.
Aanbevelingen voor staten
Vanuit beleidsperspectief beveelt Alsalem staten aan het Noordse gelijkheidsmodel te overwegen, omdat dit volgens haar het enige model is dat de vraag naar het kopen van seksuele handelingen probeert te beperken; de kopers hebben in haar ogen de meeste keuzevrijheid in deze vergelijking. Daarnaast pleit ze ervoor pornografiesites te zien als plaatsen delict. Ze vindt dat staten wetgeving moeten afdwingen die platform- en dienstaanbieders verplicht pornografisch materiaal te verwijderen, de toegangsleeftijd te verhogen tot ten minste 18 of 21 jaar, en die de productie, het bezit en het hosten van dergelijk materiaal expliciet strafbaar stelt. Vrijwillige richtlijnen volstaan volgens haar niet; regels moeten afdwingbaar zijn. Omdat zij het lastig acht onderscheid te maken tussen goede en slechte pornografie, pleit ze uiteindelijk voor een totaalverbod, met daarvoor een reeks belangrijke tussenstappen.
Bronnen
Let op: deze video is Engelstalig. Bekijk onze Verhalen voor Nederlandstalige getuigenissen.