woke

Schweizer Monat: El-Nagashi over haatspraak-wetgeving als bedreiging voor meningsuiting (2023)

Op 1 maart 2023 publiceerde Faika El-Nagashi (directeur Athena Forum) in het Duitstalige Zwitserse magazine Schweizer Monat het artikel 'Wenn der Kampf gegen Hassrede die Meinungsfreiheit kostet'. Centrale stelling: maatregelen die oorspronkelijk minderheden tegen haatspraak moesten beschermen, breiden zich uit tot een instrument dat open discussie over gender-gerelateerde rechten en beleid criminaliseert. De bescherming van kwetsbare groepen ondermijnt zo de bredere democratische ruimte.

Op publiceerde Faika El-Nagashi in het Zwitserse Duitstalige magazine Schweizer Monat het artikel "Wenn der Kampf gegen Hassrede die Meinungsfreiheit kostet". Het is een vroege publicatie — twee jaar voor Athena Forum als organisatie haar grote rapporten uitbracht — en bevat al dezelfde analyse in compacte vorm.

Het uitgangspunt: haatspraak-wetgeving is goed bedoeld

El-Nagashi begint niet met afwijzing van haatspraak-wetgeving. Bescherming van minderheden tegen aantoonbare incitatie tot geweld is een legitiem doel. Het probleem ontstaat met de uitbreiding van het toepassingsgebied. Wanneer "haatspraak" geleidelijk wordt verbreed van directe incitatie tot geweld naar elke vorm van afwijzende uitspraak, en wanneer beschermde categorieën worden uitgebreid van klassieke kenmerken (afkomst, religie) naar betwiste concepten (gender-identiteit), verandert het instrument van karakter.

De drie uitbreidings­mechanismen

  • Categorische uitbreiding: "haatspraak" gaat van "aanzetten tot geweld" naar "creëren van vijandig klimaat" naar "afwijzen van identiteit".
  • Beschermde-groep-uitbreiding: traditioneel ras, religie, herkomst — toegevoegd worden gender-identiteit en seksuele oriëntatie, met definities die zelf nog in beweging zijn.
  • Bewijslast-omkering: bij sommige nieuwe haatspraak-wetten ligt de bewijslast bij de spreker om aan te tonen dat geen kwetsing bedoeld was.

De democratische kost

El-Nagashi documenteert wat dit voor het democratisch debat betekent. Een politicus die vraagt of zelf-identificatie zonder leeftijdsgrens wenselijk is, kan onder uitgebreide wetgeving strafrechtelijk onderzocht worden. Een academicus die onderzoek doet naar detransitie loopt risico. Een ouder die in een schoolvergadering vraagt naar het curriculum, idem.

De optelling: domeinen waar publiek debat hoort plaats te vinden, worden afgesloten — niet door inhoudelijke afwijzing maar door juridisch risico. De beschermende intentie wordt feitelijk een onderdrukkende functie. Zie ook het concrete voorbeeld dat zij later beschrijft: het haatspraak-onderzoek tegen MEP Irmhild Boßdorf.

Wat ze concreet voorstelt

  • Houd haatspraak-wetgeving nauw begrensd tot daadwerkelijke incitatie tot geweld.
  • Maak duidelijk onderscheid tussen meningen over concepten (zoals gender-identiteit) en meningen over personen.
  • Behoud de regel: in publiek debat over beleid is volledige openheid de norm, niet de uitzondering.

Voor Nederland

Nederland heeft zelf hetzelfde traject doorgemaakt: van klassieke haatzaai-bepalingen in art. 137 Wetboek van Strafrecht naar bredere uitleg waarin meningen over identiteits-concepten onder verdenking kunnen vallen. El-Nagashi's argument is geen pleidooi vóór ruwheid in debat — het is een pleidooi tegen het inzetten van strafrecht waar maatschappelijk debat hoort plaats te vinden.


Bronnen:

  • El-Nagashi, F. "Wenn der Kampf gegen Hassrede die Meinungsfreiheit kostet." Schweizer Monat, 1 maart 2023. (via Athena Forum: athena-forum.eu)

Deel dit artikel: