Artikelen
Achtergrond over detransitie, genderzorg, onderzoek en beleid — met bronvermelding.

McDeavitt & Cohn (2026): drie decennia Dutch Protocol-onderzoek levert geen betrouwbaar bewijs
Een peer-reviewed studie gepubliceerd op 30 mei 2026 in het European Journal of Developmental Psychology concludeert dat dertig jaar Amsterdams onderzoek naar het Dutch Protocol structurele methodologische tekortkomingen vertoont en geen betrouwbaar bewijs heeft opgeleverd voor puberteitsremmers en cross-seksehormonen bij jongeren. De auteurs stellen dat de Amsterdamse onderzoekers definitieve uitspraken doen die hun eigen methodologie niet kan onderbouwen.
27 juli 2026
Psychische klachten verdwijnen niet na transitie
Een transitie lost niet altijd de onderliggende psychische problemen op. Steeds meer ervaringsverhalen en wetenschappelijk onderzoek wijzen erop dat gender-gerelateerde klachten vaak samenhangen met andere psychische aandoeningen die ook na de ingreep aandacht nodig hebben.

Je voelt geen gender maar iets anders
Niemand weet hoe het voelt om man of vrouw te zijn. Wat mensen werkelijk ervaren is een gevoel dat er iets niet klopt. De vraag is niet "ben ik van het andere geslacht?" maar "wat is er werkelijk aan de hand?"

Japanse anime en genderideologie: fictie vs. werkelijkheid
Western jongeren leren via anime dat genderidentiteit vloeibaar is en dat je een ander geslacht kunt "zijn". Maar de Japanse werkelijkheid — en de intentie van de makers — is heel anders dan het westerse activisme dat er een politieke boodschap in leest.

Mannen en vrouwen: gelijkwaardig, maar niet identiek
Gelijkwaardigheid en gelijkheid zijn twee verschillende dingen. Mannen en vrouwen verdienen dezelfde rechten en respect, maar zijn biologisch en neurologisch niet identiek. Het erkennen van die verschillen is geen bedreiging — het is eerlijkheid.

Na een genderoperatie: levenslange medicatieafhankelijkheid
Een genderoperatie is geen eenmalige ingreep. Daarna begint een levenslange afhankelijkheid van hormoonmedicatie — met alle risico's en praktische gevolgen van dien.

Gender als sociaal construct en genderdysforie
Gender is niet hetzelfde als biologisch geslacht. Het zijn de sociale rollen, verwachtingen en normen die mensen in een genderidentiteit dringen. Wie dat begrijpt, begrijpt ook waarom hormonen en operaties het probleem niet bij de wortel aanpakken.

Onvruchtbaarheid na een genderoperatie
Wie een genderoperatie of hormonale behandeling ondergaat, riskeert blijvende onvruchtbaarheid. Toch worden patiënten hier lang niet altijd adequaat over geïnformeerd. Wat zijn de gevolgen per behandeling, en wat kun je van tevoren doen?

Laag testosteron en genderdysforie
Een lage testosteronspiegel kan bij jongens leiden tot een lichaam dat minder mannelijk aanvoelt. In de transgenderzorg wordt dit nauwelijks gemeten. Dat is een gemiste kans — en mogelijk een ernstige medische omissie.

Gezichtshaar na detransitie - blijvend gevolg
Testosteron veroorzaakt permanente veranderingen die na het stoppen niet verdwijnen. Eén van de meest zichtbare is gezichtshaar. Een detransitioner beschrijft haar weg terug — en de medische en emotionele last die daarmee gepaard gaat.

Twijfels over onafhankelijkheid puberty-blocker
Juridisch hoogleraar Lodewijk Smeehuijzen stelt dat de Gezondheidsraadscommissie die puberty-blockers beoordeelt te veel leden telt die direct belang hebben bij de uitkomst. Het parlement vroeg juist om een onafhankelijk oordeel.

Testosteron bij jongens met genderdysforie
Jongens die zich niet comfortabel voelen in hun lichaam krijgen vaak hormonen aangeboden die hen naar de andere kant brengen. Maar wat als het probleem juist een tekort aan mannelijke hormonen is? Clinici beginnen deze vraag serieus te nemen.

TransRegret.org: waarom officiële spijtcijfers (0,3–1%) niet kloppen (2026)
Het Amerikaanse informatieplatform TransRegret.org analyseert hoe de breed geciteerde spijtcijfers van 0,3–1% tot stand komen. De rekensom blijkt fragiel: vervolgstudies verliezen 25–50% van de patiënten. De r/detrans community telt inmiddels 60.000+ leden. Onafhankelijke enquêtes en het onderzoek van Lisa Littman (2021) komen uit op 12–30% spijt of ambivalentie.
Transspijt