wetenschap

Transitiespijt en detransitie: wat ging er mis? — Portugese studie in European Psychiatry (2025)

Een Portugese literatuurreview, gepubliceerd in European Psychiatry op 26 augustus 2025, analyseert de meest recente wetenschappelijke inzichten over transitiespijt en detransitie. De auteurs concluderen dat spijt en detransitie onderscheiden concepten zijn, dat de werkelijke omvang moeilijk te meten is, en dat een stijging in de toekomst wordt verwacht. Een multidisciplinaire aanpak en goede informed consent worden als centrale preventiestrategieën aangemerkt.

Transitiespijt en detransitie: wat ging er mis? — Portugese studie in European Psychiatry (2025)

Op 26 augustus 2025 publiceerde het tijdschrift European Psychiatry een literatuurreview van psychiaters van de Unidade Local de Saúde de São João in Porto, Portugal, onder de titel "Transition Regret and Detransition: What Went Wrong?". De studie is gepubliceerd via PubMed (PMC12420186) en biedt een actueel overzicht van het wetenschappelijke inzicht over spijt na genderbehandeling.

Spijt en detransitie zijn niet hetzelfde

De auteurs bevestigen een onderscheid dat in het publieke debat vaak wordt genegeerd: spijt (regret) en detransitie zijn twee aparte concepten die elkaar overlappen maar niet samenvallen. Er bestaat:

  • Spijt zonder detransitie — iemand heeft spijt maar keert niet terug naar het geboortegeslacht
  • Detransitie zonder spijt — iemand keert terug om praktische, sociale of medische redenen, maar niet vanuit spijt over de identiteit
  • Externe versus interne factoren — detransitie kan worden gedreven door sociale druk (extern) of door verandering in genderidentiteit (intern)

Dit onderscheid is klinisch relevant: de begeleiding die iemand nodig heeft, verschilt sterk afhankelijk van welke variant van toepassing is.

Omvang moeilijk te meten — stijging verwacht

De auteurs stellen dat de werkelijke omvang van transitiespijt en detransitie "moeilijk te meten is" en dat het fenomeen "oorspronkelijk werd gedacht zeldzaam te zijn." Ze verwachten echter een stijging in de toekomst — consistent met de demografische verschuiving in de behandelde populatie en de groeiende groep jonge mensen die nu behandeld wordt en waarvan de langetermijngevolgen nog onbekend zijn.

Dit sluit aan bij de bevindingen van de SEGM-analyse over transitiespijt en onzekerheid en het overzicht van detransitie-percentages.

Preventiestrategieën

De auteurs identificeren twee centrale preventiestrategieën:

1. Multidisciplinaire, uitgebreide benadering. Een grondige evaluatie van psychologische, sociale en medische factoren vóór behandeling is essentieel. De auteurs benadrukken dat genderdysforie in de context van andere psychische aandoeningen extra zorgvuldig moet worden beoordeeld.

2. Effective informed consent. Patiënten — en bij minderjarigen hun ouders — moeten werkelijk begrijpen wat ze tekenen. Dit vereist heldere communicatie over onomkeerbare gevolgen, onzekerheden in de evidence-basis en de mogelijkheid van detransitie op latere leeftijd. Zie ook de problematiek rond informed consent in de genderzorg.

3. Regelmatige follow-up. Psychosociale ondersteuning gedurende het hele transitieproces — niet alleen voor en direct na de ingreep — wordt als essentieel beschouwd.

Betekenis voor de klinische praktijk

De studie bevestigt dat het zorgveld een blinde vlek heeft gehad rondom spijt en detransitie. Ze pleit voor systematische aandacht voor deze uitkomsten, niet als uitzondering maar als volwaardig onderdeel van de klinische evaluatie en nazorg.


Bronnen:

Deel dit artikel: